10 december 2024

Otto II van Gelre


Otto II van Gelre

Wie had het voor het zeggen in het Gelre van de 13e eeuw? Dat was in een groot deel van de 13e eeuw Graaf Otto II van Gelre en Zutphen, namelijk van 1229–1271. Deze graaf had veel bijnamen. Zo noemde men hen Otto de Lamme, de Paardenvoet en de Hinkende. Bijnamen ontstaan altijd door wat afwijkt, en bij Otto was dat een klompvoet. 
Munten uit de tijd van Otto II
Otto is de zoon van graaf Gerard III van Gelre (ook wel aangeduid als Gerard IV of Gerard V) en Margaretha van Brabant. Op vijftienjarige (!) leeftijd volgde hij zijn vader Gerard III van Gelre op. Otto regeerde 42 jaar. 

Huwelijken

Otto II trouwde in 1240 met Margaretha van Kleef († 10 september 1251), de dochter van graaf Diederik VI van Kleef en Mechtild van Dinslaken. 
Zij schonk hem twee dochters:
  • Elizabeth († 31 maart 1313, begraven in klooster Gräfrath, trouwde op 17 maart 1249 met graaf Adolf V van Berg (†28 september 1296)
  • Margaretha († voor 1286), zij trouwde voor 1262 met graaf Engelram IV van Coucy en Oisy, Vicomte de Meaux (circa 1236 - 1311)
In 1253 trouwde hij met Filippa de Dammartin, dochter van graaf Simon van Dammartin, en werd vader van:
  • Reinoud (1255-1326)
  • Filippa, gehuwd met Walram van Valkenburg, Monschau en Sittard, zoon van Dirk II van Valkenburg
  • Margaretha, gehuwd met graaf Diederik VIII van Kleef.

Verdere levensloop

Otto II was graaf van Gelre van 1229 tot aan zijn dood. Hij bemiddelde vaak bij vetes in zijn omgeving. Ook werd hijzelf vaak in conflicten betrokken door zijn bezittingen in Westfalen, onder andere met de graven van Ravensberg en Tecklenburg maar ook met de bisschoppen van Münster, Osnabrück en Paderborn.
Om de invloed in de Nederrijnlanden voerde Otto II vele oorlogen met de graven van Kleef en bisschoppen van Utrecht. Zijn aanspraken op Salland moest hij daardoor opgeven.
In 1247 werd Otto II door paus Innocentius IV gevraagd of hij Rooms-koning wilde worden. Hij was de tweede keus, want de hertog van Brabant had de kroon al geweigerd. Hij wees dit aanbod af, omdat dit ambt veel nadeel zou brengen.
Het Klooster 's-Gravendaal werd in 1248 gebouwd op aandringen van zijn vrouw Margaretha van Kleef. De kloosterkerk was het eerste bouwwerk op het kloostercomplex. In hetzelfde jaar kwam de stad Nijmegen in zijn bezit. Otto II liet in 1250 aanvangen met de bouw van de Grote of Sint-Stevenskerk, die pas in 1476 zou worden voltooid. In 1251 werd het lichaam van Margaretha van Kleef bijgezet in de kerk van het Klooster 's-Gravendaal. Vlak voor zijn dood vocht hij nog enkele geschillen met de stad Zutphen uit.
Otto bereikte als bondgenoot van de Hertogen van Brabant en Graven van Holland (van 1261 t/m 1262) een hoge positie in Hertogdom Neder-Lotharingen. Hij verkreeg vele heerlijkheden waaronder Groenlo, Bredevoort en Lichtenvoorde. Zodoende was hij beschermheer van Keulen.

Otto II was een goede bondgenoot van Willem II van Holland. Toen deze sneuvelde in een campagne tegen de Friezen in 1256, erfde Floris V van Holland het graafschap Holland. Floris V stond nog onder voogdij van Floris de Voogd (tot 1258) en daarna door Aleid van Holland waarmee Otto II de voogdij bevocht over Holland en Zeeland met andere edelen. Bij de slag bij Reimerswaal op 22 januari 1263 versloeg Otto II zijn rivaal Aleid, waarna hij als voogd werd verkozen. In 1266 werd Floris V meerderjarig op twaalfjarige leeftijd en werd hij in staat geacht om zelf zijn graafschap te regeren.

Stedenstichter

Een andere bijnaam van Otto is ‘de stedenstichter’. Hij verleende tijdens zijn regeerperiode stadsrechten aan 29 steden, onder meer Geldern (1229), Goch (ca. 1230), Roermond (1231), Harderwijk (1231), Grave (1232), Emmerik (1233), Arnhem (1233), Lochem (1233), Doetinchem (1236), Doesburg (1237), Wageningen (1263) en Montfort (waarschijnlijk in 1263). Omdat Otto onbevoegd was om deze stadsrechten te verlenen zijn al deze stadsrechten in 1310 op de landdag van Speyer vervallen verklaard.
Otto II werd opgevolgd door zijn zoon Reinoud I. Hij ligt begraven in het Klooster 's-Gravendaal, ook wel "Kloster Graefenthal".

Graf van Otto II (Geldern) in het Kloster 
Graefenthal in Goch-Asperden

De grafplaat, die in 1870 verdween, werd 
gereconstrueerd aan de hand van oude tekeningen.

Een oude pentekening van de tombe van Otto II









 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Willem V van Kleef (Slot)

  Willem V van Kleef Willem V (Düsseldorf, 28 juli 1516 – aldaar, 5 januari 1592) was hertog van Kleef, Gulik en Berg, graaf van Mark, heer ...